Het is je vast al opgevallen: het is hier stiller dan normaal. Geen nieuwe stukken over de waanzin van de wereld, geen verhalen over dingen die niemand kan verklaren en geen anekdotes over moordlustige volkstuinverenigingen. Ik krijg om die reden zo nu en dan de vraag of het goed gaat. En ja, dat gaat het zeker. Maar ik snap de vraag wel, dus wil ik graag uitleggen wat er speelt.

Ik begon twee jaar geleden met mijn visie op het nieuws. Vooral de menselijke kant. Daarna breidde ik dat uit met schrijven over het paranormale, folklore en het onverklaarbare. Eerlijk is eerlijk, ik geniet nog steeds van allebei. Maar ergens begon er iets te knagen. Het was de gedachte dat ik het wel kon blijven doen wat ik deed, maar het begon mechanisch te voelen, alsof er iets anders op me lag te wachten, maar nog volledig buiten mijn bereik. Misschien had ik nog wat te leren voordat ik weer met volle overtuiging verder kon schrijven. Maar wat?

Een tijdlang zat ik dan ook met de ultieme vragen die daaruit voortkomen. Wil ik zo doorgaan? Ben ik niet gewoon aan het zeuren? Heb ik een nieuw onderwerp nodig? Het antwoord was overduidelijk nee. Want ik wilde doorgaan met al deze onderwerpen, maar er was ‘iets’. Dus ging ik op zoek naar wat er nu echt nodig was om uit deze impasse te komen. Dat klinkt spannender dan het is, want in de praktijk kwam het vooral neer op veel wandelen in de natuur, mijn hoofd leegmaken, en vertrouwen dat het antwoord vanzelf zou komen aanwaaien. En dat gebeurde. Want ineens besefte ik dat ik niet op zoek was naar een andere uitdaging of onderwerp, maar juist naar meer verdieping.

Niet lang daarna stuitte ik op een studie die naadloos aansluit op deze wens: filosofie en levensbeschouwing. Ik voelde meteen weer energie. De euforie zat niet in de verwachting dat ik ineens zou barsten van de kennis, eerder het tegenovergestelde. Socrates wist het namelijk al. Hoe meer je weet, hoe meer je beseft hoeveel je nog niet weet. Hij liep ruim tweeduizend jaar geleden al rond met precies dezelfde onrust die ik nu voel, en stelde de simpelste vragen totdat iedereen om hem heen begon te twijfelen aan wat ze zeker wisten. Ik besefte dat dit precies is wat ik zocht. Niet meer beweringen, maar betere vragen.

Want waar komen onze meningen, aannames en overtuigingen vandaan? Hoe worden ze gevoed? Welke mechanismen spelen daarbij een rol?
En een andere vraag: hoe kleuren de dingen die wij meemaken onze werkelijkheid? Waarom heeft persoon A een heel andere beleving dan persoon B, terwijl ze exact hetzelfde meemaken?
En nog verder: hoe komt het dat we denken zoals we denken? In hoeverre worden we misschien zelfs wel gemanipuleerd? Niet alleen door machthebbers, maar ook door zaken als social media, AI, en ga zo maar door. In welke mate en hoe speelt dat een rol? Wie is vatbaar voor bepaalde ideeën en hoe komt dat?

Naast deze vragen is het ook een persoonlijke reis. Want hoe sta ik zelf in de wereld? Hoe heeft mijn werkelijkheid zich gevormd? Wat is mijn levensbeschouwing? Ik geniet dan ook met volle teugen van de lessen en deze zoektocht. Want juist het door blijven vragen en daarbij kritisch denken werkt verhelderend. Zowel over mezelf als over de gehele wereld en de maatschappij. Daarom lees ik, als ik niet aan het studeren ben, tegenwoordig volop boeken van en over filosofen, maar ook over maatschappelijke kwesties.

Ondertussen borrelen er zoals vanouds ideeën op die ik heel graag wil uitwerken, maar die mogen nog even wachten. Eerst ga ik me volledig hierop richten, in plaats van dat ik half gehaast weer ga schrijven omdat ik een bepaalde druk voel. Dus voorlopig ben ik heerlijk aan het studeren en daarnaast ben ik nog steeds veel in de natuur te vinden, waar ik ook weer allerlei nieuwe gebieden en paden ontdek.
Hoe dat alles uit gaat pakken? Vraag me dat morgen nog maar eens, want dan zijn er vast alweer tig nieuwe vragen opgekomen.