Volgens internet ben ik vandaag tegelijkertijd uitgedroogd, oververhit, te nat, te droog en één glas water verwijderd van zowel een hitteberoerte als een watervergiftiging. Ik ben nog niet eens uit bed.
Het is 07.43 uur. De zon heeft mijn slaapkamer omgebouwd tot iets wat in de volksmond een sauna zou heten en in mijn geval gewoon wonen op het zuiden is. De hitte hangt er rond als een ongenode gast die ook nog eens gaat zitten en vraagt of er nog iets te drinken is.
Ik pak mijn telefoon. Klassieke fout.
Het KNMI heeft code rood afgegeven en de media hebben dit aangegrepen als het sein voor een collectieve zenuwinstorting in artikelvorm. Iedereen schrijft tegelijk, alles is urgent, en niets klopt met het artikel dat er vlak voor stond. De tips spreken elkaar niet alleen tegen, ze doen dat met het zelfvertrouwen van mensen die zelf een airco hebben.
Drink voldoende water. Maar niet te veel, want bij een teveel aan vocht raken je elektrolyten uit balans. Hoeveel is te veel? Dat hangt af van je gewicht, je activiteitsniveau, de luchtvochtigheid, en klaarblijkelijk ook van welk artikel je als laatste gelezen hebt. Het ene zegt 2 liter. De ander zegt 3. Eén zegt: luister naar je lichaam, wat klinkt als een oplossing maar in de praktijk betekent dat ik nu aandachtig naar mijn eigen nieren zit te luisteren en niets hoor.
Blijf uit de zon. Maar zorg ook voor frisse lucht. Waar zij in vredesnaam frisse lucht weten te vinden, is mij een raadsel..
Sluit overdag gordijnen en ramen, en zet ’s nachts alles open om te ventileren. Dit heb ik gedaan. Wat er via mijn open ramen naar boven kroop was lucht van 27 graden, die zich met merkbare tevredenheid in mijn appartement installeerde. Ik woon namelijk boven winkels en de buitenunits van hun airco’s blazen vrolijk mijn appartement in. Ik heb vannacht dan ook een keuze moeten maken tussen stikken met gesloten ramen of stikken met een briesje van de airco. Ik heb voor het briesje gekozen. Het voelde als regie voeren over mijn eigen situatie. Het was geen regie voeren over mijn eigen situatie.
Eet licht. Maar zorg wel voor voldoende zouten en mineralen. Licht eten met veel zout en mineralen is een omschrijving van chips, maar dat staat er niet, dus ik neem aan dat ik het verkeerd begrijp.
Sport niet tussen 12 en 16 uur. Geen probleem. Ik sport ook niet tussen 12.00 en 00.00 uur, en tussen 00.00 en 12.00 uur heb ik ook mijn bedenkingen. We zijn het hier volledig over eens.
Let op ouderen, kinderen en huisdieren.
Mijn twee katten hebben het warm. Niet op de elegante manier waarop katten normaal gesproken ergens liggen, namelijk uitgestrekt, zelfvoldaan en de eigenaar van elke ruimte die ze bezetten. Nee. Ze lopen drie stappen, kijken me aan met de blik van dieren die iemand verantwoordelijk willen stellen, en gaan dan weer liggen. Drie stappen. Liggen. Drie stappen. Liggen. Ze bewegen door het appartement als een PowerPoint-presentatie die steeds vastloopt.
Ik mis de tijd dat ze in de gordijnen klommen. Bijna dan.
Dan: bij dorst ben je al te laat.
Ik lees dit drie keer. Bij dorst ben je al te laat. Dit is geen gezondheidstip. Dit is een dreiging. Dit is iemand die fluisterend in een deuropening staat. Ik wacht op de logische opvolger: Tegen de tijd dat je beseft dat je het warm hebt, is het al warm. Of gewoon: Je had gisteren al moeten beginnen met vandaag te overleven.
Mijn creatieve brein, dat normaal opstart als een laptop met 47 open tabbladen en een ventilator die het morele recht heeft om te staken, probeert nu simultaan de volgende vragen op te lossen: Ben ik dorstig of denk ik alleen dat ik dorstig ben? Als ik het niet zeker weet, ben ik dan al te laat? Als ik te laat ben, moet ik dan meer drinken of minder? Hoeveel elektrolyten zitten er eigenlijk in twijfel?
Ik sta op. Drink een glas water met de geconcentreerde ernst van iemand die een vitale handeling verricht, wat het ook is. Niet te snel. Niet te veel. Niet te weinig. Niet te laat, al is het daar mogelijk al te laat voor. Eén kat kijkt toe, doet drie stappen in mijn richting, en gaat dan weer liggen.
Het is kwart voor acht. Buiten is het 25 graden. De dag moet nog beginnen. De opwarming ook.
Ik sluit alle tabbladen. Doe de gordijnen dicht. Ga zitten in het schemerduister van mijn oven, met mijn water, mijn elektrolyten, en de twee katten die me aankijken alsof ik hier iets aan had kunnen doen.
Ik doe alles goed. Ik doe alles fout.
Maar alle grappen terzijde: de hitte is echt. De risico’s ook. Juist daarom verdienen mensen informatie die helpt om goede keuzes te maken, niet informatie die hen laat twijfelen aan elke keuze die ze maken.
